SR

Begrippen

In het kort

  1. 1De vaktermen rond de Smart Readiness Indicator, elk in een paar zinnen uitgelegd.
290 kW-drempel
Het nominale vermogen van verwarmings-, koel- of ventilatie-installaties waarboven gebouwautomatisering verplicht is en waarboven de SRI naar verwachting verplicht wordt.
Aanwezigheidsdetectie
Sensoren die registreren of er mensen in een ruimte zijn, zodat verlichting, verwarming en ventilatie daarop kunnen reageren.
BACS (gebouwautomatiserings- en controlesysteem)
Het systeem dat installaties in een gebouw automatisch regelt en bewaakt.
Domein
Een van de negen onderdelen van een gebouw die de SRI beoordeelt: verwarming, warm tapwater, koeling, ventilatie, verlichting, gebouwschil, elektriciteit, EV-laden en monitoring en regeling.
EN ISO 52120-1 (voorheen EN 15232)
De norm die gebouwautomatisering indeelt in klassen A tot D en de basis vormt voor de BACS-eisen.
Energieflexibiliteit
Het vermogen van een gebouw om verbruik te verschuiven, energie op te slaan en te reageren op signalen van de netbeheerder of de energieprijs.
EPBD (richtlijn energieprestatie gebouwen)
De Europese richtlijn die eisen stelt aan de energieprestatie van gebouwen.
Functionaliteitsniveau
De trap van 0 (handmatig) tot maximaal 4 (volledig automatisch en geïntegreerd) waarop een dienst wordt gescoord.
GACS (gebouwautomatiserings- en controlesysteem)
De Nederlandse benaming voor BACS.
Gebouwbeheersysteem (GBS)
De software en hardware waarmee een beheerder alle installaties centraal bewaakt en bestuurt.
Gedelegeerde handeling
Een besluit dat de Europese Commissie mag nemen om een richtlijn aan te vullen.
Impactcriterium
Een van de zeven effecten waarop de SRI een dienst beoordeelt: energie-efficiëntie, onderhoud, comfort, gemak, gezondheid, informatie en energieflexibiliteit.
Kernfunctionaliteit
De drie hoofddoelen van de SRI: energieprestatie en beheer, reactie op gebruikers, en energieflexibiliteit.
Methode A (vereenvoudigd)
De vereenvoudigde beoordeling met ongeveer 27 diensten, geschikt voor een snelle indicatie of voor kleinere gebouwen.
Nationale testfase
Een periode waarin een lidstaat de SRI op vrijwillige basis uitprobeert op echte gebouwen.
Smart Readiness Indicator (SRI)
De Europese methode om te meten hoe goed een gebouw zijn installaties regelt, op gebruikers reageert en met het energienet meebeweegt.
Smart-ready dienst
Een concrete functie die een gebouw slim kan uitvoeren, zoals aanwezigheidsregeling van verlichting.
SRI-klasse
Een van de zeven banden waarin de totaalscore valt: 90 tot 100, 80 tot 90, 65 tot 80, 50 tot 65, 35 tot 50, 20 tot 35 en onder 20 procent.
Vraaggestuurde ventilatie
Ventilatie die de hoeveelheid lucht aanpast aan het aantal mensen of de gemeten CO2, in plaats van altijd op vol vermogen te draaien.
Wegingsfactor
Het gewicht dat een domein krijgt in de totaalscore.