De EPBD van 2024 samengevat
De herziene richtlijn energieprestatie gebouwen bepaalt hoe Europese gebouwen er in 2050 uitzien. Voor eigenaren van utiliteitsgebouwen zitten de gevolgen in een handvol artikelen. Deze pagina zet ze op een rij.
Laatst gecontroleerd op 9 september 2026
In het kort
- 1Richtlijn (EU) 2024/1275 is in werking en moest uiterlijk 29 mei 2026 in nationale wetgeving zijn omgezet.
- 2Voor utiliteitsgebouwen zijn minimumnormen, verplichte gebouwautomatisering, zonne-energie en laadinfrastructuur de belangrijkste onderdelen.
- 3De Smart Readiness Indicator blijft vrijwillig; artikel 15 laat de Commissie uiterlijk 30 juni 2027 besluiten over verplichtstelling boven 290 kW.
Wat de EPBD is en waarom deze versie anders is
De richtlijn energieprestatie gebouwen bestaat sinds 2002 en is meerdere keren herzien. De versie van 2024 wordt vaak EPBD IV genoemd. Zij vervangt de eerdere richtlijn en koppelt de gebouwde omgeving aan het doel van klimaatneutraliteit in 2050.
Nieuw is de nadruk op de bestaande voorraad. Eerdere versies richtten zich vooral op nieuwbouw. Deze versie stelt eisen aan de slechtst presterende gebouwen die er al staan. Daarnaast bevat zij voor het eerst concrete eisen aan installaties en regeling, waaronder de verplichte gebouwautomatisering.
Een richtlijn werkt niet rechtstreeks. Elke lidstaat zet de bepalingen om in eigen wetgeving. In Nederland gebeurt dat via het Besluit bouwwerken leefomgeving en aanverwante regelingen. De data hieronder zijn Europese uiterste termijnen; nationale invulling kan strenger zijn.
De belangrijkste data
Uiterste Europese termijnen. Een lidstaat mag eerder zijn en mag verdergaan.
| Datum | Wat | Voor wie |
|---|---|---|
| Eind 2024 | Gebouwautomatisering verplicht boven 290 kW | Utiliteitsgebouwen met verwarming, koeling of gecombineerde systemen |
| 29 mei 2026 | Omzetting van de richtlijn in nationale wetgeving | Alle lidstaten |
| 1 januari 2028 | Nieuwe gebouwen van overheden zijn nulemissiegebouw | Publieke opdrachtgevers |
| 2030 | De slechtst presterende utiliteitsgebouwen zijn aangepakt | Eigenaren van utiliteitsbouw |
| 1 januari 2030 | Alle nieuwe gebouwen zijn nulemissiegebouw | Alle opdrachtgevers |
| Eind 2029 | Gebouwautomatisering verplicht boven 70 kW | Een veel grotere groep utiliteitsgebouwen |
| 30 juni 2027 | Besluit over verplichte SRI boven 290 kW | Europese Commissie |
Nulemissiegebouwen en minimumnormen
Het nulemissiegebouw vervangt het begrip bijna-energieneutraal gebouw. Zo'n gebouw heeft een zeer lage energiebehoefte en gebruikt ter plaatse geen fossiele brandstof. Nieuwe gebouwen van overheidsinstanties moeten hieraan voldoen vanaf 1 januari 2028, alle overige nieuwbouw vanaf 1 januari 2030.
Voor de bestaande utiliteitsbouw komen minimumnormen voor energieprestatie. Lidstaten stellen drempels vast zodat eerst de slechtst presterende gebouwen worden verbeterd: het slechtste deel van de voorraad in 2030, een groter deel in 2033. Welke gebouwen dat zijn, hangt af van de nationale uitwerking en van de nationale energielabelverdeling.
Voor woongebouwen kiest de richtlijn een ander instrument: een nationaal traject voor het gemiddelde energiegebruik van de voorraad, in plaats van een norm per gebouw. Zie ook gelden de regels voor woongebouwen.
Eisen aan installaties: zon, laden en regeling
De richtlijn verplicht zonne-energie op geschikte daken. Dat gebeurt gefaseerd, te beginnen bij nieuwe utiliteits- en overheidsgebouwen en later bij bestaande gebouwen boven een oppervlaktegrens. De precieze grenzen en data staan in artikel 10 en in de nationale uitwerking.
Voor laadinfrastructuur gelden eisen bij nieuwbouw en bij ingrijpende renovatie van gebouwen met parkeerplaatsen. Er komen laadpunten en voorbereidende bekabeling, met strengere eisen voor kantoren. Dat raakt direct het SRI-domein laden van elektrische voertuigen, waar slim laden punten oplevert.
Artikel 13 verplicht een gebouwautomatiserings- en controlesysteem in utiliteitsgebouwen met een nominaal vermogen boven 290 kW, sinds eind 2024. Vanaf eind 2029 zakt die grens naar 70 kW. De eisen aan zo'n systeem staan op de pagina over de 290 kW-drempel.
Renovatiepaspoort, energielabel en de SRI
Lidstaten moeten een vrijwillig renovatiepaspoort aanbieden. Dat is een stappenplan voor een gebouw: welke maatregelen in welke volgorde leiden tot een nulemissiegebouw. Het paspoort is bedoeld om deelrenovaties te voorkomen die een latere stap blokkeren.
Het energielabel krijgt een geharmoniseerde schaal van A tot G. Klasse A staat voor het nulemissiegebouw. Klasse G staat voor de slechtste 15 procent van de voorraad. Dat maakt labels tussen landen beter vergelijkbaar. De SRI blijft daarnaast bestaan als aparte maatstaf voor slimme regeling.
Artikel 15 regelt de SRI zelf. De indicator blijft vrijwillig voor lidstaten. De Commissie moet uiterlijk 30 juni 2026 rapporteren over de testfases en uiterlijk 30 juni 2027 een gedelegeerde handeling aannemen. Zie artikel 15 en wordt de SRI verplicht.
Wat betekent dit voor u
- Eigenaar
- Zet de vier verplichtingen naast elkaar voor elk pand: gebouwautomatisering, zonne-energie, laadinfrastructuur en de minimumnorm. Die vier bepalen samen uw investeringsagenda tot 2033.
- Huurder
- De maatregelen raken uw servicekosten en uw comfort. Vraag de verhuurder naar het renovatieplan voor het pand en naar de planning voor gebouwautomatisering.
- Adviseur
- Combineer de verplichte gebouwautomatisering met een SRI-beoordeling volgens methode B. Veel van de gevraagde functies zijn ook diensten in de SRI-catalogus.
Veelgestelde vragen
Geldt de EPBD rechtstreeks voor mijn gebouw?
Nee. Een richtlijn richt zich tot lidstaten. Uw verplichtingen volgen uit de Nederlandse regelgeving die de richtlijn omzet, zoals het Besluit bouwwerken leefomgeving.
Verplicht de EPBD een SRI-beoordeling?
Nu niet. Artikel 15 houdt de indicator vrijwillig. Verplichtstelling voor grote utiliteitsgebouwen wordt naar verwachting in 2027 geregeld via een gedelegeerde handeling.
Wat betekent nulemissiegebouw precies?
Een gebouw met een zeer lage energiebehoefte dat ter plaatse geen fossiele brandstof gebruikt. De resterende vraag wordt gedekt met hernieuwbare energie of met energie uit een efficiënt net.
Moeten bestaande gebouwen aan de nieuwbouweisen voldoen?
Nee. Voor bestaande gebouwen gelden minimumnormen en eisen bij ingrijpende renovatie, niet de eisen voor nieuwbouw.
Wanneer weet ik wat er in Nederland precies geldt?
De nationale uitwerking verloopt via wijzigingen in het Bbl en bijbehorende regelingen. Zie regels per land voor de actuele stand.
Volgende stap
Valt uw gebouw onder de drempels?
Bronnen
- Richtlijn (EU) 2024/1275 (EPBD), De volledige tekst met de artikelen 9, 10, 13, 14, 15 en 19.
- Europese Commissie: energieprestatie van gebouwen, Toelichting en factsheets bij de herziene richtlijn.
- RVO: EPBD, Nederlandse uitwerking en achtergrondinformatie.