SR

Gemeentelijk en maatschappelijk vastgoed · Monitoring en regeling

Monitoring en regeling in gemeentelijk en maatschappelijk vastgoed: wat de SRI meet

Monitoring en regeling is het zenuwstelsel van het gebouw: het gebouwbeheersysteem dat installaties op elkaar afstemt, storingen herkent, energieverbruik rapporteert en kan reageren op de bezetting en op signalen van het energienet.

In het kort

  1. 1Deze pagina laat zien hoe de Smart Readiness Indicator het domein Monitoring en regeling beoordeelt voor gemeentelijk en maatschappelijk vastgoed.
  2. 2Bij gemeentehuizen, bibliotheken en wijkcentra telt dit domein voor het maximale gewicht van 3 op 3 mee in de score.
  3. 3Zeven diensten, van draaiurenbeheer tot integratie met het slimme net, bepalen samen hoe slim deze gebouwen worden aangestuurd.

Weging van dit domein voor dit gebouwtype

zwaar

Welke diensten meetellen

DienstLaagste niveauHoogste niveauAdvies
Draaiurenbeheer van HVAC-systemen
MC-3 · 4 niveaus
Handmatige instellingAan/uit-regeling van de verwarmings- en koelinstallaties op basis van predictieve regeling of netsignalen–
Detectie van storingen in technische gebouwsystemen en ondersteuning bij de diagnose ervan
MC-4 · 4 niveaus
Geen centrale weergave van gedetecteerde storingen en alarmenMet centrale weergave van gedetecteerde storingen en alarmen voor alle relevante technische gebouwsystemen, inclusief diagnosefuncties–
Aanwezigheidsdetectie: gekoppelde diensten
MC-9 · 3 niveaus
GeenGecentraliseerde aanwezigheidsdetectie die meerdere technische gebouwsystemen aanstuurt, zoals verlichting en verwarming–
Centrale rapportage van de prestaties en het energiegebruik van technische gebouwsystemen
MC-13 · A · 4 niveaus
GeenCentrale of externe rapportage van het realtime energieverbruik per energiedrager, waarbij technische gebouwsystemen van alle hoofddomeinen in één interface worden samengebrachthoogste niveau
Integratie met het slimme net
MC-25 · A · 3 niveaus
Geen: geen afstemming tussen het net en de technische gebouwsystemen; het gebouw functioneert onafhankelijk van de netbelastingGecoördineerde vraagsturing van meerdere technische gebouwsystemenhoogste niveau
Rapportage van informatie over de prestaties en werking van vraagsturing
MC-28 · 3 niveaus
GeenRapportage van informatie over de actuele, historische en voorspelde status van de vraagsturing, inclusief de aangestuurde energiestromen–
Overschrijven van de vraagsturingsregeling
MC-29 · 5 niveaus
Geen vraagsturingsregelingTijdgestuurd overschrijven van de vraagsturingsregeling en heractivering met geoptimaliseerde regeling–
Eén platform voor geautomatiseerde regeling en coördinatie tussen technische gebouwsystemen, met optimalisatie van de energiestroom op basis van aanwezigheid, weer en netsignalen
MC-30 · A · 4 niveaus
GeenEén platform voor geautomatiseerde regeling en coördinatie tussen technische gebouwsystemen, met optimalisatie van de energiestroom op basis van aanwezigheid, weer en netsignalenhoogste niveau

Rekenvoorbeeld

Staat alles in dit domein op niveau 0, dan draagt het domein niets bij. Op het hoogste niveau voor alle diensten stijgt de indicatieve totaalscore van dit gebouwtype met ongeveer 20 procentpunt (van 26 naar 46 procent, met alle andere domeinen op niveau 1).

Wat is monitoring en regeling binnen de SRI?

Monitoring en regeling is een van de negen domeinen van de Smart Readiness Indicator (SRI), het Europese meetinstrument voor de slimme paraatheid van gebouwen. Het domein beschrijft het gebouwbeheersysteem: de software en sensoren die installaties op elkaar afstemmen, storingen signaleren en energieverbruik in kaart brengen.

Voor gemeentelijk en maatschappelijk vastgoed weegt dit domein voor het maximale gewicht van 3 op 3 mee in de totaalscore. Dat komt doordat gemeentehuizen, bibliotheken, wijkcentra en theaters vaak sterk uiteenlopende gebruikstijden hebben, waardoor centrale regeling relatief veel effect heeft.

Welke smart-ready diensten horen bij dit domein?

Voor dit gebouwtype zijn zeven smart-ready diensten relevant. Elke dienst kent functionaliteitsniveaus van 0 (geen functionaliteit) tot maximaal 3 of 4, afhankelijk van de dienst.

  • MC-3 Draaiurenbeheer van HVAC-systemen: van handmatige instelling tot regeling op basis van predictieve sturing of netsignalen.
  • MC-4 Detectie van storingen: van geen centrale weergave tot diagnosefuncties voor alle technische gebouwsystemen.
  • MC-9 Aanwezigheidsdetectie: van losse toepassingen zoals verlichting tot gecentraliseerde sturing van meerdere systemen.
  • MC-13 Centrale rapportage van energiegebruik: van geen rapportage tot één interface voor alle hoofddomeinen.
  • MC-25 Integratie met het slimme net: van geen afstemming tot gecoördineerde vraagsturing over meerdere systemen.
  • MC-28 Rapportage over vraagsturing: van geen rapportage tot inzicht in actuele, historische en voorspelde status.
  • MC-29 Overschrijven van vraagsturing: van geen mogelijkheid tot geoptimaliseerde, tijdgestuurde overschrijving door de gebruiker.
  • MC-30 Eén platform voor geautomatiseerde regeling: van handmatige bediening tot optimalisatie op basis van aanwezigheid, weer en netsignalen.

Waarom telt dit domein zo zwaar voor deze gebouwen?

Gemeenten beheren doorgaans een portefeuille van gebouwen in plaats van één pand. Een centraal gebouwbeheersysteem maakt het mogelijk om energieverbruik en storingen op portefeuilleniveau te volgen, wat aansluit bij de rapportageplicht die veel gemeenten al hebben.

Bovendien hebben deze gebouwen vaak een voorbeeldfunctie richting inwoners en andere organisaties. Een hoge score op monitoring en regeling laat zien dat publieke gebouwen hun energiegebruik actief beheersen, niet alleen registreren.

Wat betekent dit voor u

Eigenaar
Breng eerst in kaart welk functionaliteitsniveau elk gebouw in de portefeuille haalt op de zeven diensten van dit domein, want dat bepaalt het grootste deel van de SRI-score voor dit gebouwtype. Gebruik de resultaten om te bepalen welke investeringen, zoals storingsdiagnose of vraagsturing, het meeste effect hebben op meerdere panden tegelijk.
Huurder
Gebruikers van een bibliotheek, wijkcentrum of gemeentehuis merken een hoger niveau vooral aan minder storingen en een comfortabeler binnenklimaat dat zich aanpast aan de bezetting. Bij een hoog niveau kan het gebouw ook sneller schakelen bij drukte of juist bij leegstand buiten openingstijden.
Adviseur
Let bij de beoordeling op het verschil tussen diensten die per gebouw worden gescoord en de portefeuillebrede rapportage die gemeenten vaak al opzetten voor hun voorbeeldfunctie. Houd rekening met subsidiemogelijkheden die specifiek gericht zijn op gebouwbeheersystemen, aangezien deze de opwaardering van meerdere diensten tegelijk kunnen versnellen.

Volgende stap

Wilt u weten waar uw gebouw staat?