SRI-klasse
Klasse 50–65 %: op weg
In het kort
- 1Deze klasse loopt van 50 tot 65 procent en heet hier "Op weg", met letter D in tools.
- 2Het gebouw heeft een gebouwbeheersysteem en een deel van de installaties is al slim geregeld.
- 3De aansturing is echter niet consequent en de systemen werken niet goed samen.
Positie in de klassentabel
| Band | Naam | Betekenis | Letter in tools |
|---|---|---|---|
| 90–100 % | Volledig smart-ready | Vrijwel alle installaties zijn slim geregeld, geïntegreerd en klaar om met het energienet mee te bewegen. | A |
| 80–90 % | Zeer slim | Een gebouw met een volwassen gebouwbeheersysteem, vraaggestuurde installaties en eerste vormen van energieflexibiliteit. | B |
| 65–80 % | Slim | De belangrijkste installaties worden per zone en op basis van aanwezigheid geregeld. | C |
| 50–65 % | Op weg | Er is een gebouwbeheersysteem en een deel van de installaties is slim geregeld, maar niet consequent en niet geïntegreerd. | D |
| 35–50 % | Basis aanwezig | Centrale regelingen en tijdschema's, weinig aanwezigheidssturing, beperkte rapportage. | E |
| 20–35 % | Beperkt | Handmatige bediening overheerst. | F |
| 0–20 % | Niet smart-ready | Vrijwel alles wordt met de hand bediend. | G |
Wat betekent klasse D precies?
Een score tussen de 50 en 65 procent op de Smart Readiness Indicator (SRI) valt in klasse D. Op dit platform noemen we deze klasse informeel "Op weg". Dit is geen officiële naam uit de Europese regelgeving, maar een manier om de score begrijpelijk te maken.
Een gebouw in deze klasse beschikt over een gebouwbeheersysteem (GBS), ook wel bekend als een gebouwautomatiserings- en controlesysteem (GACS). Een deel van de technische installaties, zoals verwarming of verlichting, wordt hiermee automatisch aangestuurd.
Waarom scoort een gebouw met een gebouwbeheersysteem niet hoger?
De aanwezigheid van een gebouwbeheersysteem alleen is niet voldoende voor een hogere klasse. De SRI-methodiek beoordeelt per smart-ready dienst het functionaliteitsniveau, van 0 tot 4, verdeeld over negen domeinen zoals verwarming, koeling en ventilatie.
In klasse D is de sturing vaak beperkt tot losse installaties. Verwarming, koeling en verlichting worden bijvoorbeeld apart geregeld, zonder onderlinge afstemming. Daardoor blijft een deel van het potentieel onbenut.
De score houdt ook rekening met zeven impactcriteria, waaronder energie-efficiëntie en comfort. Als systemen niet zijn geïntegreerd, scoren deze criteria lager dan mogelijk is.
Wat ontbreekt er om naar een hogere klasse te gaan?
Voor een hogere klasse is meestal integratie nodig tussen de verschillende domeinen. Denk aan een systeem dat verwarming, koeling en ventilatie op elkaar afstemt in plaats van los aanstuurt.
Ook de drie kernfunctionaliteiten, die in de methodiek gelijk worden gewogen, spelen een rol. Verbetering hier vraagt vaak om software-updates of aanvullende sensoren, niet altijd om grote verbouwingen.
Gebouwen boven 290 kW aan installatievermogen kregen eind 2024 al te maken met verplichte gebouwautomatisering volgens artikel 13 van de EPBD. Voor gebouwen boven 70 kW geldt dit vanaf eind 2029.
Een klasse hoger
65–80 % · Slim: De belangrijkste installaties worden per zone en op basis van aanwezigheid geregeld. Storingen worden gemeld. Flexibiliteit richting het net ontbreekt meestal nog.
Wat betekent dit voor u
- Eigenaar
- Als eigenaar is het zinvol te onderzoeken welke systemen wel en niet met elkaar communiceren, want integratie levert vaak meer op dan nieuwe apparatuur. Een hogere klasse kan bovendien relevant worden nu de Europese Commissie uiterlijk 30 juni 2027 een besluit moet nemen over verplichtstelling voor grotere utiliteitsgebouwen.
- Huurder
- Als huurder of gebruiker merkt u dat comfortinstellingen soms handmatig moeten worden bijgesteld, omdat systemen niet automatisch op elkaar reageren. Verwarming, koeling en verlichting werken, maar niet altijd even efficiënt samen.
- Adviseur
- Bij de beoordeling is het belangrijk te kijken naar de mate van integratie tussen domeinen, niet alleen naar de aanwezigheid van techniek. Let ook op welke van de drie kernfunctionaliteiten al aanwezig zijn en welke ontbreken, want dit bepaalt vaak de snelste route naar een hogere klasse.
Volgende stap
Wilt u weten waar uw gebouw staat?