SR

Gebouwautomatisering boven 290 kW

Dit is de verplichting die nu al geldt. Utiliteitsgebouwen met grote installaties moeten een gebouwautomatiserings- en controlesysteem hebben. De drempel van 290 kW zakt aan het einde van dit decennium naar 70 kW.

Last checked on 9 September 2026

In short

  1. 1Utiliteitsgebouwen met verwarming, koeling of gecombineerde systemen boven 290 kW moeten sinds eind 2024 een GACS hebben.
  2. 2Het systeem moet continu meten, prestaties vergelijken, storingen opsporen en met andere installaties kunnen communiceren.
  3. 3Vanaf eind 2029 geldt dezelfde eis boven 70 kW, waardoor een veel grotere groep gebouwen eronder valt.
In force · 31 December 2024De verplichting geldt. Zij volgt uit artikel 13 van Richtlijn (EU) 2024/1275 en uit de nationale uitwerking. De drempel van 70 kW gaat eind 2029 in.
01

Wat de verplichting inhoudt

Een gebouwautomatiserings- en controlesysteem stuurt en bewaakt de installaties van een gebouw. In het Nederlands wordt het afgekort als GACS, in het Engels als BACS. Het gaat om meer dan een regelkast: het systeem moet gegevens vastleggen, patronen herkennen en afwijkingen melden.

De verplichting staat in artikel 13 van de herziene EPBD en gold in de vorige richtlijn al vanaf 2020. De uiterste datum voor gebouwen boven 290 kW was 31 december 2024. Woongebouwen vallen buiten deze eis; daar geldt een lichtere regeling en een aanbeveling.

Een lidstaat mag uitzonderingen maken waar de eis technisch of economisch niet haalbaar is. Zo'n uitzondering moet worden onderbouwd. In de praktijk gaat het om gebouwen waar de terugverdientijd onredelijk lang is, bijvoorbeeld bij aanstaande sloop.

02

Wanneer komt een gebouw boven 290 kW uit?

De drempel gaat over het nominale vermogen van het systeem. Niet over de grootte van het gebouw, en niet over het werkelijke verbruik. U telt het vermogen van de opwekkers per systeemsoort bij elkaar op: alle verwarming samen, alle koeling samen. Ook een gecombineerd systeem van verwarming met ventilatie telt als één systeem.

Drie ketels van 100 kW leveren samen 300 kW en vallen dus onder de eis. Een gebouw met 200 kW verwarming en 150 kW koeling blijft per systeemsoort onder de grens. Een nationale regeling kan strenger zijn. Bij twijfel is de installatiedocumentatie leidend, niet het aansluitvermogen van de elektriciteitsaansluiting.

Let op gebouwen die net onder de grens zitten. Bij vervanging van een opwekker of bij uitbreiding kan een pand alsnog boven 290 kW komen. En vanaf eind 2029 verschuift de vraag toch naar 70 kW. Zie het begrip 290 kW.

03

Welke functies het systeem moet hebben

Die laatste eis is in de praktijk de lastigste. Interoperabiliteit betekent dat het systeem niet vastzit aan één fabrikant. Open protocollen en een gedocumenteerde datastructuur zijn daarvoor de gebruikelijke route. Vraag bij aanbesteding om aantoonbare koppelingen, niet alleen om een merknaam.

  1. Continu bewaken Het systeem meet, registreert en analyseert het energiegebruik doorlopend en maakt bijsturen mogelijk.
  2. Vergelijken Het systeem zet de energieprestatie af tegen een referentie, zodat efficiëntieverlies zichtbaar wordt.
  3. Storingen opsporen Het systeem herkent afwijkingen en meldt die aan de beheerder, met informatie om de oorzaak te vinden.
  4. Kunnen communiceren Het systeem kan gegevens uitwisselen met de aangesloten installaties en werkt met apparatuur van verschillende leveranciers.
04

De Nederlandse uitwerking en de stap naar 70 kW

Nederland heeft de verplichting opgenomen in de bouwregelgeving. De eisen aan een gebouwautomatiserings- en controlesysteem staan in het Besluit bouwwerken leefomgeving, dat sinds 2026 de herziene richtlijn verwerkt. Handhaving ligt bij het bevoegd gezag, doorgaans de gemeente of de omgevingsdienst.

De volgende stap is groot. Vanaf eind 2029 geldt de eis boven 70 kW. Die grens raakt scholen, kleinere kantoren, sportaccommodaties en veel zorglocaties. Voor eigenaren met meerdere panden is het verstandig om nu al te inventariseren welke gebouwen tussen 70 en 290 kW zitten. Zie de gebouwtypen.

De actuele Nederlandse stand van zaken staat in het landenoverzicht. Andere lidstaten vindt u bij regels per land.

06

What this means for you

Eigenaar
Maak een lijst van uw panden met het opgetelde vermogen per systeemsoort. Zo weet u welke gebouwen nu onder de eis vallen en welke er in 2029 bij komen.
Huurder
Een gebouwautomatiseringssysteem raakt uw comfort en uw servicekosten. Vraag of het aanwezige systeem storingen meldt en of u rapportages kunt ontvangen.
Adviseur
Toets bij oplevering niet alleen de aanwezigheid, maar ook de werking van de vier functies. Leg de meetpunten en de referentie vast, anders is vergelijken later onmogelijk.
07

Frequently asked questions

Telt het vermogen per ketel of per gebouw?

Per systeem in het gebouw. U telt de opwekkers van hetzelfde systeem bij elkaar op. Drie ketels van 100 kW vormen samen een systeem van 300 kW.

Geldt de eis ook voor woongebouwen?

Nee. Artikel 13 richt zich op utiliteitsgebouwen. Voor woongebouwen geldt een lichtere regeling. Zie gelden de regels voor woongebouwen.

Is een bestaand gebouwbeheersysteem genoeg?

Niet altijd. Veel oudere systemen sturen wel aan, maar vergelijken niet en melden geen storingen. Toets de vier functies afzonderlijk.

Wat gebeurt er bij niet-naleving?

Handhaving verloopt via het bevoegd gezag op grond van de bouwregelgeving. De praktijk verschilt per gemeente.

Moet ik nu al rekening houden met 70 kW?

Ja, bij vervangingsinvesteringen wel. Een regelinstallatie die u nu plaatst, gaat vaak vijftien jaar mee en moet dan al aan de nieuwe drempel voldoen.

Next step

Wilt u weten hoe uw systeem scoort?

Een SRI-beoordeling maakt zichtbaar of de vier functies echt worden gebruikt.

Sources

  1. Richtlijn (EU) 2024/1275, artikel 13, De eisen aan gebouwautomatiserings- en controlesystemen en de drempels.
  2. RVO: gebouwautomatisering en systeemeisen, Nederlandse uitwerking van de systeemeisen.
  3. Europese Commissie: energieprestatie van gebouwen, Toelichting bij de systeemeisen uit de richtlijn.