SR

Industrie en productie · Laden van elektrische voertuigen

Laden van elektrische voertuigen in industrie en productie: wat de SRI meet

Bij laden gaat het om drie dingen: hoeveel parkeerplaatsen een laadpunt hebben, of het laden slim wordt gestuurd op netcapaciteit en prijs, en of gebruikers informatie krijgen over beschikbaarheid en verbruik.

In het kort

  1. 1Deze pagina laat zien hoe het domein Laden van elektrische voertuigen meetelt in de Smart Readiness Indicator voor industrie en productie.
  2. 2Het gaat om drie diensten: laadcapaciteit, netbalancering en informatievoorziening aan gebruikers.
  3. 3Bij industriegebouwen telt dit domein gemiddeld zwaar mee, met een wegingsfactor van 2 op een schaal van 0 tot 3.

Weging van dit domein voor dit gebouwtype

gemiddeld

Welke diensten meetellen

DienstLaagste niveauHoogste niveauAdvies
Laadcapaciteit voor elektrische voertuigen
EV-15 · A · 5 niveaus
Niet aanwezigMeer dan 50% van de parkeerplaatsen heeft een laadpuntniveau 2 of hoger
Netbalancering bij het laden van elektrische voertuigen
EV-16 · A · 3 niveaus
Niet aanwezig (ongestuurd laden)Tweerichtings-gestuurd laden (bijvoorbeeld met gewenste vertrektijd en netsignalen ter optimalisatie)niveau 2 of hoger
Informatie en connectiviteit bij het laden van elektrische voertuigen
EV-17 · A · 3 niveaus
Geen informatie beschikbaarRapportage van informatie over de laadstatus aan de gebruiker EN automatische identificatie en autorisatie van de bestuurder bij het laadpunt (conform ISO 15118)niveau 2 of hoger

Rekenvoorbeeld

Staat alles in dit domein op niveau 0, dan draagt het domein niets bij. Op het hoogste niveau voor alle diensten stijgt de indicatieve totaalscore van dit gebouwtype met ongeveer 4 procentpunt (van 33 naar 37 procent, met alle andere domeinen op niveau 1).

Waarom telt laden van elektrische voertuigen mee bij industriegebouwen?

De Smart Readiness Indicator (SRI) beoordeelt gebouwen op negen domeinen. Laden van elektrische voertuigen is een van die domeinen. Bij industrie en productie gaat het alleen over het gebouw en zijn installaties, niet over het productieproces zelf.

Industriegebouwen hebben vaak een grote elektrische aansluiting. Dat maakt flexibiliteit in laden waardevol: het bedrijf kan laadvermogen afstemmen op netcapaciteit en energieprijzen. Voor dit gebouwtype geldt een wegingsfactor van 2 op een schaal van 0 tot 3. Het domein telt dus gemiddeld zwaar mee in de totale score.

Welke smart-ready diensten horen bij dit domein?

De SRI-methodiek kent dit domein drie smart-ready diensten toe, elk met functionaliteitsniveaus van 0 tot 4 of minder, afhankelijk van de dienst.

  • EV-15 Laadcapaciteit voor elektrische voertuigen: meet welk deel van de parkeerplaatsen een laadpunt heeft, van niet aanwezig tot meer dan de helft van de plaatsen.
  • EV-16 Netbalancering bij het laden: meet of laden gestuurd wordt op netsignalen, in één richting of in twee richtingen (het voertuig kan dan ook stroom teruggeven).
  • EV-17 Informatie en connectiviteit: meet of gebruikers informatie krijgen over de laadstatus en of het systeem de bestuurder automatisch herkent bij het laadpunt.

Voor industriegebouwen boven 290 kW aan installatievermogen wordt gebouwautomatisering vaak al toegepast. Dat maakt het logisch om ook het laden van voertuigen op het terrein slim te sturen.

Wat betekent dit voor een industrieel gebouw in de praktijk?

Veel industrieterreinen hebben nog beperkte laadinfrastructuur voor personeel of bedrijfsvoertuigen. Een laadpunt zonder sturing scoort op het laagste niveau, zelfs als er veel laadpunten zijn.

Sturing op netcapaciteit is bij industriegebouwen extra relevant. Een grote aansluiting betekent dat laden op piekmomenten het totale energieverbruik van het bedrijf sterk kan beïnvloeden. Tweerichtingsladen, waarbij voertuigen ook energie teruggeven, levert het hoogste niveau op bij netbalancering.

Wat betekent dit voor u

Eigenaar
Een gebouweigenaar in de industrie doet er goed aan laadpunten niet los te zien van het energiemanagement dat vaak al voor het productieproces bestaat. Door laadsturing te koppelen aan bestaande systemen voor netcapaciteit en prijs, verhoogt de eigenaar de score op dit domein zonder grote extra investeringen.
Huurder
Een gebruiker of medewerker merkt vooral of er informatie beschikbaar is over de status van het laadpunt, bijvoorbeeld of het bezet is of hoeveel er al geladen is. Bij een hoger functionaliteitsniveau herkent het systeem de bestuurder automatisch, wat laden eenvoudiger maakt.
Adviseur
Een adviseur moet bij industriegebouwen goed onderscheid maken tussen laadinfrastructuur voor het gebouw en installaties die bij het productieproces horen, want alleen de eerste categorie valt onder de SRI. Let bij de beoordeling vooral op de aanwezigheid van gestuurd laden, omdat dit bij grote aansluitingen het verschil maakt tussen een gemiddelde en een hoge score op dit domein.

Volgende stap

Wilt u weten waar uw gebouw staat?