SR

Smart-ready dienst E-3 · Elektriciteit

Opslag van (lokaal opgewekte) elektriciteit

In het kort

  1. 1Deze pagina gaat over de smart-ready dienst E-3, opslag van lokaal opgewekte elektriciteit, binnen het domein Elektriciteit van de Smart Readiness Indicator.
  2. 2De dienst kent vijf functionaliteitsniveaus, van geen opslag tot een systeem dat opslag optimaliseert en terug kan leveren aan het net.
  3. 3Deze dienst valt onder methode A, de vereenvoudigde beoordeling die geschikt is voor kleinere of eenvoudigere gebouwen.

De niveaus

  1. Niveau 0

    Geen

  2. Niveau 1

    Opslag van elektriciteit ter plaatse (bijvoorbeeld elektrische batterij)

  3. Niveau 2

    Opslag van energie ter plaatse (bijvoorbeeld elektrische batterij of thermische opslag) met regelaar op basis van netsignalen

  4. Niveau 3

    Opslag van energie ter plaatse (bijvoorbeeld elektrische batterij of thermische opslag) met regelaar die het gebruik van lokaal opgewekte elektriciteit optimaliseert

  5. Niveau 4

    Opslag van energie ter plaatse (bijvoorbeeld elektrische batterij of thermische opslag) met regelaar die het gebruik van lokaal opgewekte elektriciteit optimaliseert en de mogelijkheid om terug te leveren aan het net

Wat is de smart-ready dienst E-3?

E-3 beschrijft hoe een gebouw elektriciteit die het zelf opwekt, kan opslaan. Denk aan zonnepanelen die energie leveren aan een batterij in het gebouw. De Smart Readiness Indicator (SRI) beoordeelt of, en hoe slim, dat opslagsysteem is aangestuurd.

Deze dienst maakt deel uit van het domein Elektriciteit, een van de negen domeinen van de SRI. Binnen de methodiek wegen alle domeinen mee in de uiteindelijke score van het gebouw, uitgedrukt in een percentage tussen 0 en 100.

Hoe zijn de functionaliteitsniveaus opgebouwd?

De dienst kent vijf niveaus, van 0 tot 4. Niveau 0 betekent dat er geen opslag aanwezig is. Niveau 1 staat voor eenvoudige opslag ter plaatse, bijvoorbeeld een elektrische batterij zonder verdere aansturing.

Vanaf niveau 2 komt er een regelaar bij die reageert op signalen van het elektriciteitsnet. Niveau 3 gaat een stap verder: de regelaar optimaliseert dan specifiek het gebruik van lokaal opgewekte elektriciteit, niet alleen netsignalen.

Niveau 4 is het hoogste niveau. Daar combineert het systeem optimalisatie van lokaal opgewekte elektriciteit met de mogelijkheid om overtollige energie terug te leveren aan het net.

Waarom valt E-3 onder methode A?

De SRI kent twee beoordelingsmethodes. Methode B omvat 54 smart-ready diensten en is bedoeld voor een uitgebreide beoordeling. Methode A gebruikt een selectie van 27 diensten, waaronder E-3, voor een eenvoudigere en snellere beoordeling.

Voor eigenaren van kleinere utiliteitsgebouwen kan methode A daardoor een lagere drempel vormen om een eerste inschatting van de smart-readiness te maken.

Hoe telt deze dienst mee in de score?

Elke smart-ready dienst wordt beoordeeld op zeven impactcriteria, zoals energiebesparing en flexibiliteit voor het elektriciteitsnet. Binnen die criteria bestaan drie kernfunctionaliteiten die gelijk wegen in de berekening.

De uitkomst per dienst telt mee in de score van het domein Elektriciteit, en die score telt weer mee in de totale klasse van het gebouw, die loopt van onder 20 procent tot 90 tot 100 procent.

Relevant voor deze gebouwtypen

Volgende stap

Wilt u weten waar uw gebouw staat?