SR

Smart-ready dienst C-4 · Koeling

Flexibiliteit en interactie met het net

In het kort

  1. 1Deze pagina gaat over de smart-ready dienst C-4, die meet hoe goed een koelsysteem kan reageren op signalen van het elektriciteitsnet.
  2. 2De dienst kent vijf functionaliteitsniveaus, van geen automatische regeling tot een systeem dat lokale voorspellingen combineert met netsignalen.
  3. 3C-4 valt onder methode A, wat betekent dat de dienst meetelt in de eenvoudigere versie van de Smart Readiness Indicator (SRI).

De niveaus

  1. Niveau 0

    Geen automatische regeling

  2. Niveau 1

    Tijdgestuurd bedrijf van het koelsysteem

  3. Niveau 2

    Zelflerende optimale regeling van het koelsysteem

  4. Niveau 3

    Koelsysteem geschikt voor flexibele sturing via netsignalen (bijvoorbeeld vraagsturing/DSM)

  5. Niveau 4

    Geoptimaliseerde regeling van het koelsysteem op basis van lokale voorspellingen en netsignalen (bijvoorbeeld via modelgebaseerde predictieve regeling)

Wat meet dienst C-4?

Dienst C-4 hoort bij het domein Koeling binnen de Smart Readiness Indicator (SRI). De dienst beoordeelt niet de koelprestatie zelf, maar de mate waarin het koelsysteem kan meebewegen met het elektriciteitsnet.

Een gebouw dat op dit punt goed scoort, kan zijn koelvraag tijdelijk verminderen of verschuiven wanneer het net daarom vraagt. Dit wordt ook wel vraagsturing of demand side management genoemd.

Welke functionaliteitsniveaus zijn er?

De dienst kent vijf niveaus, genummerd van 0 tot 4. Op niveau 0 is er geen automatische regeling van het koelsysteem.

  • Niveau 1: tijdgestuurd bedrijf van het koelsysteem, bijvoorbeeld via een vaste klok.
  • Niveau 2: zelflerende optimale regeling van het koelsysteem, die zich aanpast aan gebruikspatronen.
  • Niveau 3: het koelsysteem kan flexibel gestuurd worden via netsignalen, zoals vraagsturing.
  • Niveau 4: geoptimaliseerde regeling op basis van lokale voorspellingen en netsignalen, bijvoorbeeld via modelgebaseerde predictieve regeling.

Elk niveau hoger vraagt meer intelligentie in het gebouwbeheersysteem (GBS) en meer koppeling met externe informatie over het net.

Waarom telt deze dienst mee in methode A?

De Smart Readiness Indicator kent twee rekenmethodes. Methode A is de eenvoudigere variant met 27 smart-ready diensten, methode B werkt met alle 54 diensten.

Dienst C-4 maakt deel uit van beide methodes. Dat wijst erop dat de opstellers van de Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/2155 flexibiliteit van koelsystemen als een kerneigenschap van een smart-ready gebouw beschouwen.

Hoe verhoudt dit zich tot verplichte gebouwautomatisering?

Los van de SRI verplicht artikel 13 van de EPBD (richtlijn energieprestatie gebouwen) al gebouwautomatisering boven bepaalde vermogensgrenzen. Boven 290 kW geldt deze eis sinds eind 2024, boven 70 kW volgt dit eind 2029.

Die verplichting gaat over de aanwezigheid van een gebouwautomatiserings- en controlesysteem (GACS). De SRI-score voor C-4 gaat een stap verder en beoordeelt hoe slim dat systeem daadwerkelijk functioneert.

Relevant voor deze gebouwtypen

Volgende stap

Wilt u weten waar uw gebouw staat?